Along the Silk Road

Along the Silk Road

Overland from the Atlantic to the Pacific

Travelling the Silk Road in 2013

Zweet & Tranen, zonder Bloed

nederlandsPosted by grim(m)burger Tue, May 14, 2013 08:40:10

Gebeurtenisloos en lang, zo wordt het traject Passau-Belgrado in het “Roadbook” beschreven. En of we toch niet een half uur vroeger zouden vertrekken? In Belgrado hebben we immers om 19u30 een avondmaal gepland met een professor nederlandistiek, die één en ander Servië zal toelichten. Bij het vertrek zie ik dat we vandaag de dertiende zijn. Maar ’t is maandag en geen vrijdag.

’t Is gelukt, het vroeger vertrekken. Alvorens de heuvels van Karinthië in het zicht komen hebben we al veel andere heuvels gezien, glooiend en groen. En ook wat karig afgelijnde vlaktes, eveneens groen. Slovenië brengt veel van hetzelfde. De Kroatische grens is evenmin een echte gebeurtenis. Het is ons vijfde land maar de eerste grens. En binnenkort kan je ook daar de grens niet meer over: het wordt dan een stippellijn in de EU.

Terwijl de dorpjes, tegen de nijdige noordenwinden beschermd door de flanken van een oost-west lopende heuvelrug van meer dan honderd kilometer lang, er wat magerder en slapender bijliggen, of staan, wordt de verveling slaapverwekkend. De nieuwe autoweg van Zagreb naar Belgrado versterkt het gevoel.

Te midden al dit ingedommeld groen, dwalen de gedachten naar de oorlog. De corridor waarin we ons voorthaasten, scheidt in feite Slavonië van Bosnië. De namen op de kaart doen nog nahuiveren: Vukovar, Banja Luka, Tuzla en Srebrenitsa, ook Sarajevo. Oorlog blijft onvoorstelbaar zolang je het niet hebt meegemaakt en dat is hier in deze namiddagse vredigheid niet anders.

En dan, … een schot voor de boeg: een witte wolk stijgt op vanonder onze motorkap. STOP. Aan de kant. Alexander, de chauffeur van dienst, doet het in een oogwenk. Na enkele minuten vermindert het dampen. Het lijkt allemaal stoom te zijn. Terwijl Jean de gevaren driehoek vakkundig 100m achter ons “ontplooit’, openen we voorzichtig de motorkap. Behalve veel nattigheid is er weinig aan te zien. Omdat we zowat aan de kop van de langgerekte groep rijden, stoppen onze reisgenoten één na één.

We bellen naar onze garagist in Aalst. We zijn door hem getraind in de diagnostiek, maar langs een holder-de-bolder autostrade schiet daarvan niet veel over. Wachten, water in gieten en kijken wat er gebeurt, dat is zijn advies. Aanvankelijk gebeurt er niets: de motor draait en het water loopt nergens uit. Na nog meer zoeken wordt het duidelijk: een scheur van vier centimeter bovenaan een afdekkingskap in hard plastic waaruit water borrelt.

Denken zoals in Afrika wordt gezegd. Dat betekent bricoleren. De handige handen van Antoon, Peter en Joris brengen een pakketje “Duct tape” (ook wel Duck tape genoemd) aan op de lekkende plek. Gelukkig hebben onze container met water voor het vertrek thuis gevuld (de jerrycan voor de diesel is nog splinternieuw en leeg). Opvullen en langzaam weg wezen. En de motor temperatuur in het oog houden.

Inmiddels had ik ervoor gezorgd om bij Europe Assitence reeds een dossier te openen. Hoe dan ook zou dit op één of andere manier in Belgrado, nog 250 km ver, deftig moeten hersteld of vervangen worden. Al die tijd, toch wel een uurtje, staan we geparkeerd naast een klein kerkhof. In de gehele omgeving staan er twee huizen. Zou dit nog een restant van de oorlog zijn? Zelfs in de dood is er niet veel rust want er zijn geen muren, noch bomen rond dit kerkhof dat zomaar open en bloot op twintig meter van de autoweg ligt.

Alles loopt op wieltjes, gesmeerd en zonder zichtbare stoomproductie. We rijden nu in “colonne”. Vlak voor de grens met Servië moeten we tanken. Bij het stoppen begint het terug te walmen voor onze neus. De duct heeft het begeven en het water is min of meer al “opgesoupeerd”. De ingenieurs in de groep zetten nu de grote middelen in: speciale lijm; houten blokjes en duct tape. Een reparatie van een uur. Intussen wordt in Belgrado al gezocht naar een specialist in het herstellen van radiatoren.

Op de autoweg rijdt de groene Toyota voorbeeldig rechtdoor, gekoeld door de wind. Zal hij ook in de stad nog draaien of gewoon verdampen? Het is een lang verhaal maar we halen het. We vinden zelfs het hotel - zonder gps. Om acht uur staat het machien geparkeerd op de binnenkoer van het hotel. En twintig minuten later zitten we op een kramiekele restaurant-boot op de Sava, met de professor.

Morgen moeten we naar Sofia. In de voormiddag wordt de radiator “gelast”. Dat is het plan. Terwijl ik dit schrijf realiseer ik me dat er bij het vertrek in Passau een zwarte kat over de weg liep.

Belgrado, 14 mei 2013

  • Comments(4)//silkblog.grimburger.com/#post2