Along the Silk Road

Along the Silk Road

Overland from the Atlantic to the Pacific

Travelling the Silk Road in 2013

Georgia on my mind

nederlandsPosted by grim(m)burger Sat, May 25, 2013 15:55:37

Tenminste sinds 1992 is Georgia “on my mind”. Dat was het eerste jaar waarop ik voor een bedrijf in Atlanta aan de slag ben gegaan. En nu stond ik in Istanbul met maar één doel voor ogen: tijdig, en zonder ongelukken, in Georgië aankomen om de groep te vervoegen.

Donderdagmorgen vertrokken we per taxi met onze radiator naar de Toyota garage. In vogelvlucht is het nauwelijks een kilometer ver, maar in de praktijk van het Istanbulse spitsuur wordt het gauw vijftien minuten. Na een half uur was de laatste twijfel weggenomen: de radiator “paste”. Met de nodige zin voor commercie stelde de garage nog een aantal ‘aanpassingen’ voor. Na overleg met onze garagist in Aalst hebben we ze weggewuifd. We wilden weg, nu, vertrekken! De factuur maken duurde een vol uur en inmiddels hadden ze (blijkbaar naar Turkse gewoonte) de wagen van binnen en van buiten schoon gemaakt. Na het betalen van de rekening (€70, wat we als een meevaller beschouwden), wenden we de steven, naar het Oosten.

Het was middag, verre van het spitsuur. Toch duurden de eerste dertig kilometer een vol uur, een uur van concentratie op de grote aders rond het hart van Istanbul. Ik keek niet om, hoewel de stad mijn originele opinie, na zeven dagen observatie en onderdompeling, op vele vlakken had uitgediept en verbeterd. Istanbul is ongetwijfeld één van de echte, grote wereldsteden.

Uiteindelijk hadden we beslist om de “directe route” te nemen. Ik verklaar me nader. Naar Trabzon zijn er twee routes: één via Ankara en één (200km korter) via het noordelijke binnenland van Anatolië (voor de specialisten, via Gerede, Kursunlu, Osmançik). De opinies over de “snelste” route bleken zeer verdeeld. Weinige mensen, zelfs weinige vrachtwagens, maken deze trip. Nogmaals werd het ons duidelijk hoe immens groot en onbekend dit (binnen)land was, zelfs voor Turken.

Na meer dan 300km autoweg, maakten we de afslag naar Gerede, richting Samsun, een badstad aan de Zwarte Zee (op een goeie 300km van Trabzon). De radiator deed het pico bello. Geen enkele kaart, noch de Turkse TomTom, gaven ons enige indicatie van de kwaliteit van de weg doorheen dit geaccidenteerd reliëf dat, aan de noordkant en met toppen tot twee duizend vijfhonderd meter, ons over meer dan driehonderd kilometer scheidde van de Zwarte Zee. Ons minimumdoel was om tegen het vallen van de avond Samsun te halen. Gelukkig zijn de Turken erin geslaagd om, in minder dan drie jaar, de weg over quasi de gehele afstand om te toveren van tweerichtingsverkeer tot een eenvoudige gescheiden weg met twee stroken “op en af”. Weinig verkeer, een aangename temperatuur, groene en afwisselende omgevingen, een gesloten en licht wolkendek zorgden voor perfecte rijcondities. Samsun was duidelijk binnen schootsafstand.

Bij valavond – bijna een uur vroeger dan de dag tevoren omdat we zeven honderd kilometer naar het Oosten waren opgeschoven, bereikten we de omgeving van Samsun. Een recente tunnel van een paar kilometer en de kleur van de wegen op de kaart deed ons vermoeden dat we bij licht de stad zouden binnenrijden. Helaas, het laatste stuk was onder constructie en een doodsgevaarlijk traject. Mijn tien jaar jongere compagnon had al zijn kunde, concentratie en gezichtsscherpte nodig om ons veilig tot op de kustboulevard te brengen. Met veel moeite vonden we een hotelletje langs de baan. Niemand achter de balie verstond ook maar één woord Engels of Duits. Uiteraard was ons Turks er ook nog niet op verbeterd!)

Het was negen uur. Voortrijden dan? Ja. Tien kilometer verderop, om half tien, aan onze rechterkant, zien we “Airport Resort Hotel”. De parking is verre van vol. De man achter de balie ontvangt ons vriendelijk, doch spreekt enkel Turks, evenals zijn klusjes-assistent. Op een bord hangt “single” 90 TL (ongeveer €40 per nacht). Hij heeft nog kamers vrij, schrijft 150TL op een briefje en steekt twee vingers op. Pakken! De kamer was juist goed genoeg en naast een spiegelblauw zwembad (Resort?) bereidde de kok vlug wat kebab, met rijst, friet en wat gegrilde groeten – voor een habbekrats. Er was zelfs Wifi – helemaal gratis!

De volgende morgen draaiden we uit de parking rechtsaf om 6u20 om onze oostelijke weg te vervolgen, echter niet nadat ik het water had gecontroleerd. De eerste kilometers vlogen voorbij; binnen een half uur zouden we voor het eerst de Zwarte Zee in het vizier krijgen. Naarmate de tijd verstreek waren er meer Turken opgestaan, en werd het merkelijk drukker in de steden, verspreid langs de zuidkust van de zee. Nergens waren er zandstranden te bespeuren, meestal wat keien of gewoon verwilderd gebied. Het was duidelijk dat Turkije geen schaarste had aan kuststroken met “zicht op zee”!

Na een paar uur stoppen we voor een rood licht, één van de vele. Alexander zwaait naar een man aan de kant van de weg. Hij zwaait terug, steekt de straat over en vraagt of hij mag meerijden. Ja, naar waar?!? Trabzon, antwoordt hij en neemt plaats op de achterbank. Hij blijkt een politieman te zijn - bij nader toezien, voorzien van pistool. Trabzon was nog zeventig kilometer verder… Na wat pogingen langs beide kanten, kwamen we tot het besluit dat hij niet meer dan twintig woorden Engels sprak. (Dat is veel meer dan vele Turken, zeker in dit landsdeel). Jean-Marie Pfaff waren de enige Vlaamse woorden die hij machtig was. We gebruikten ze om de banden meer aan te halen. In Trabzon vroeg hij niet om te af te stappen. Tegen elven kregen we redelijke wat honger (want we hadden ’s morgens slechts droge koekjes uit het noodrantsoen gegeten). Terwijl ik me begon af te vragen hoelang hij nog aan boord zou blijven, zei hij plots “Ten kilometer”. Ver voorbij Trabzon sprong hij uit de wagen en stak hij, duidelijk voldaan, de weg over.

Los van een bekeuring voor te hoge snelheid met Alexander aan het stuur, en een korte stop voor lunch (lap vlees, cola’s, sla en rijst), maalden we de laatste tweehonderd kilometers af tot aan de grens. Terwijl het verkeer zeer spaars was, hadden temperatuur en vochtigheidsgraag een grote spong naar omhoog gemaakt. De vochtige hitte woog op mens en land – en auto. Ik stelde terloops vast de dat temperatuur van ons flessenwater hoger was dan die van het douchewater in het Resort Hotel, bij het opstaan.

Na meer dan vijfhonderd kilometer naast de Zwarte Zee, bereikten we de grens. Passagiers moesten uitstappen en te voet de grens oversteken, zo een vijfhonderd meter stappen. Bij de Turken ging alles vlot, bij de Georgiërs iets minder. Trucks, bussen en enkele personenwagens wriemelden op een kleine, bochtige ruimte voor het volgende plaatsje in de rij. Na de paspoortcontrole van de Georgiërs kwam er een jong ‘broekje’ naar ons en vroeg om de koffer te inspecteren. Onze koffer (zonder de bagage van Jean en Alexander) ligt bomvol met allerlei “spul”. Hij begint met een gekreukelde, plastic zak vol reserveonderdelen. Dan wijst hij naar mijn bagage. Terwijl ik ze begin open te maken, komt een meer ervaren douanier een kijkje nemen. Hij overschouwt het overdekte slagveld en vraagt “All food and clothes?”. Dat was een verstandige vraag. Ik wijs naar de bruine zak met onderdelen en zeg “for the car” en gebaar breed naar de rest en zeg “yes, clothes and food”. Niet zonder blijk van gezag zegt hij “OK”. Oef, een uur gespaard.

We zijn in Georgië, nog vierhonderd kilometer van Tbilissi. De diesel kost hier, vergeleken met Turkije, slechts iets meer dan de helft, namelijk één dollar per liter. (De Lari is de officiële munt maar de US$ is meer gegeerd). De pompbediende, een goedlachse en rondbuikige dertiger, begint een conversatie in het Engels maar dat vlot niet. Hij zegt dat hij beter Russisch kent. Ik niet, maar we kunnen het proberen… De eerstvolgende woordenvloed gaat aan mij totaal verloren. Bij zijn poging om het trager te spreken (en te articuleren), lukt het beter. De taal blijft ook in dit land een probleem: er zijn slechts weinig mensen die iets anders dan Georgisch kennen. Voor de lezers die in het heel speciale Georgische geschrift geïnteresseerd zijn, verwijs ik graag naar Wikipedia of andere Internet sites.

Zes uur zou het duren om Tbilissi te bereiken. Het was verre van een sinecure. Ik stel voor om daar morgen wat over te vertellen! Vandaag was het hier bijna de ganse dag bewolkt, hoewel aangenaam warm. Voor een welverdiende recuperatiedag is dat hoogst welgekomen!

Tbilissi, 25 mei 2013

P.S. In ons "Airport Resort Hotel" in Samsun had ik een wc waarbij ik een vraag heb. Heeft er iemand een idee waarom er een "bruine tut" op de binnenkant dan pot staat?

  • Comments(2)

Fill in only if you are not real





The following XHTML tags are allowed: <b>, <br/>, <em>, <i>, <strong>, <u>. CSS styles and Javascript are not permitted.
Posted by annemie Tue, June 04, 2013 20:30:25

Dag Alex,

het vraagt wel enige tijd om je dagboek te lezen, zo dus zit ik nu pas in Istanbul.

Het is wel boeiende lectuur en met momenten zelfs spannend, ik geniet. Wat het toilet betreft denk ik aan een straaltje water dat je op de ene of andere manier kan openen en zo je poep reinigen (niet zo ingenieus als dat van Ludo!) maar het zal wel werken. Hier is het eindelijk een beetje zomer, voor zaterdag geven ze mooi weer wat goed uitkomt want de dochter van onze Marc trouwt. ik wens je nog veel rij- en reisplezier, tot binnenkort.

Posted by piet messiaen Sun, May 26, 2013 14:51:17

Dag Alex,

hoe hebben jullie het voor elkaar gekregen. in een vergelijkbare situatie zou ik bij de pakken en brokken hebben blijven zitten. Dus fllink van jullie en proficiat. OPndertussen denk ik met spijt aan de dubbel die laatst samen speelden. Het is ons niet gelukt om na het uistel omwille van het slechte weer van dinsdag, eergisteren te winnen van Groot Bijgaarden (>Jan en Felix verlies, ik en Jean winst in enkel en allebei verloren in dubbel (ik met Feliw en Jean met Piet A).Wat dit binnen spuitje betekent heb ik bij ons verblijf in ANatolië ook afgevraagd en het op eigen aanvoelen gebruikt als een bijkomend middel om de poe schoon te vegen, zij het dat dit enige oeg-fening vergde. Ik heb het bij niemands nagevraagd en dus kunnen bij je terugkeer ervaringen en ideeën terzake uitwisselen.Groeten,

Pioet